237 redenen voor Orkater

Leopold Witte en Geert Lageveen weer samen op de planken

Orkater. Orkater punt. Meer hoef je niet te zeggen. Aannemelijk dat je niet de hele lijst acteurs en actrices die de afgelopen 46 jaar(!) bij het gezelschap hebben gespeeld voor ogen hebt, maar iedere Nederlander kent dit Amsterdamse gezelschap theatermakers. We spreken Leopold Witte en Geert Lageveen die momenteel het land doortrekken met de voorstelling 237 redenen om door te gaan. Dat had na 46 jaar Orkater ook bijna de laatste voorstelling geweest. Geert maakt zich zichtbaar kwaad als hij er aan denkt hoe het stopzetten van subsidies door voormalig staatssecretaris Halbe Zijlstra het einde had betekend. Ook voor Orkater. Uiteraard is er hard gestreden door het gezelschap en ook de stem van Nederlandse theaterbezoekers en publiek werd gehoord in Den Haag. De subsidies zijn behouden en onder minister Ingrid van Engelshoven is de toon en sfeer ten goede gekeerd zodra het over kunst gaat. Het linkse-hobby-verhaal is doodgebloed en in de politiek is er weer oog voor cultuur.

Bromance van vakbroeders

Het is niet de enige keer dat de mannen hun emoties op tafel leggen dit gesprek. Een gesprek dat vooral de twee acteurs zelf voeren. Als er een nieuw onderwerp wordt aangesneden springt er direct eentje bovenop, die dan continu weer wordt aangevuld door de ander. Wanneer een van de twee het woord heeft zie je met regelmaat de ander begrijpend en haast vertederd kijken. Een bromance van vakbroeders. Op de vraag of de twee collega’s vrienden zijn wordt dan ook luid, breedlachend én tweestemmig ‘Ja!’ geantwoord.

Lekker schuren met taboes

Ze hebben beiden hun eigen carrière, hun eigen producties, maar komen elkaar ook regelmatig tegen in het vak. Bij Orkater en daar buiten. En van tijd tot tijd zoeken ze elkaar op. Gaan ze samen iets maken. Geert de positieve wetenschapper, die voor elk vraagstuk ergens wel een onderzoek weet op te duiken en Leopold de melancholische practicus. Het was 5 jaar geleden precies zo’n onderzoek dat het begin betekende voor de voorstelling 237 redenen voor seks. Geert vond een wetenschappelijk stuk over de aanleidingen dat wij mensen seks willen. Of hebben. 237 stuks maar liefst. Het leidde tot een 2 jaar lopende voorstelling waarbij op soms makkelijke toon moeilijke onderwerpen voorbij kwamen. Taboes. En juist die makkelijke toon maakte het lelijk schurend van tijd tot tijd. Moeilijk om naar te kijken als publiek. Geert vond het zélf moeilijk om naar Leopold te kijken wanneer die als 14-jarig meisje op het toneel, op zoek gaat naar haar eigen lichaam. Geert kan zich nog levendig voor de geest halen dat ie het niet wilde zien. Hij niet en het publiek niet. Avond aan avond. De mannen lachen weer hard, maar Leopold wijst ook direct op de ernst van het stuk. Niet alleen de onderwerpen in de voorstelling, maar nog meer het algehele taboe dat nog altijd rondom seks hangt is bijna opmerkelijk in een land waar iedereen roept zo vrij te zijn en waar alles bespreekbaar lijkt. Lijkt.
De voorstelling was een groot succes. Dat is echt te danken aan het stuk zelf én de twee acteurs, want veel meer was er ook niet te zien op het toneel. Twee mannen die het gesprek aangaan. De discussie. De vraagstukken. Twee vrienden die mijmeren over de grote onderwerpen. En af en toe wordt er een plaatje op de pick-up gelegd. “Dat verandert zo lekker makkelijk de sfeer en je gevoel”. Puur theater, ergens tussen muziektheater, toneel, cabaret en stand-up in. En na ruim 100 voorstellingen over de redenen om seks te hebben gingen de heren weer hun eigen weg.

De laatste fase

Het heeft niet lang geduurd tot Leopold de eerste ideeën voor dit vervolg kreeg. Hij keek om zich heen in zijn eigen leven, zag de kinderen het huis verlaten, zijn ouders overlijden. De checklist die leven heet was eigenlijk wel voldaan. Op naar de dood maar hoe? In plaats van een elevatorpitch per e-mail te sturen naar collega Geert over dit idee voor een nieuwe voorstelling werd er een mooi, haast ouderwets schrijven opgesteld. Een echte brief van vriend tot vriend, waarin de tijd was genomen om gevoelens uit te spreken, maar waar ook aandacht voor taalgebruik en stijl in viel af te lezen. Was de taak volbracht? Had Leopold het allemaal wel goed gedaan? En het belangrijkst, wat moet je nog met die 30 jaar resttijd? Of meer. En dat dan verwoord in 8 A4-tjes.

Het antwoord liet even op zich wachten, maar zoals je van een goede vriend mag verwachten kwam er een gepast antwoord. Minstens net zo mooi en stijlvol geschreven, minstens net zo veel A4-tjes en veel troostende woorden. Geert had er een onderzoek bij gevonden waaruit blijkt dat mensen in Europa tussen hun 60ste en 80ste levensjaar een heel gelukkige periode kennen. Juist het feit dat de ouders zijn overleden en de kinderen de deur uit zijn maakt ook dat er veel verantwoording wegvalt. En met het wegvallen van verantwoordingen, verdwijnen ook de zorgen. Dus zo slecht is die laatste fase helemaal niet. Op naar de dood en hoe! 

Er volgden brieven, gesprekken, repetities en uiteindelijk de voorstelling 237 redenen om door te gaan.  Een voorstelling die weer taboes aansnijdt. Zulke makkelijke praters zijn we dan kennelijk toch niet met z’n allen. Tegelijkertijd een heel herkenbare voorstelling voor het publiek. We komen de dood allemaal tegen van tijd tot tijd in ons leven, tot we op een dag onszelf mogen voorstellen. Misschien ligt het wel in het feit dát we de dood niet dagelijks tegenkomen, dat we er zo moeilijk over kunnen praten. Geert was vanaf het begin heel duidelijk, we gaan geen voorstelling over de dood maken. Dat komt ook vaak terug in het stuk. Geert wil het niet over de dood hebben en er zeker geen theater van maken. Of misschien wel over de dood praten, maar er niet zo zwaar aan tillen als Leopold. Toch weet Leopold het stuk vaker naar de dood te draaien dan Geert lief is. “En dat is fijn”, zegt Geert “want we mogen wel goede vrienden zijn, en ik ben het vaak eens met Leopold, maar ik weet het ook altijd wel net even beter. En soms ben ik het ook gewoon niet met hem eens”. 

Het mag over de dood gaan, maar dan moet er wel flink gelachen worden

Partycrashen op begrafenissen

Geert is niet zo van de dood. Pluk de dag, leef je leven en that’s it. Ok, heel soms ligt ie wel eens een nacht wakker, met angsten. Angst voor de dood. Voor het onbekende. Voor het einde. Maar laten we ons vooral bezig houden met nu en een beetje met morgen. Met liefde. Met mensen. Allemaal zaken die Leopold ook bezighouden, maar die dood hè. Die dood krijgt een steeds grotere plaats in het leven. Die dood komt steeds dichterbij. En ook in deze voorstelling is het Leopold die de randen weer op zoekt. De rouwranden van de dood. Partycrashen op begrafenissen als een pro. Zakdoekjes mee, af en toe een bedankwoord aan het graf van een volslagen onbekende. Leopold en de dood, dat is een feestje. Wanneer je dan als publiek langzamerhand begint te wennen en te spelen met het idee van de dood, legt diezelfde Leopold je ondertussen even haarfijn uit wat er met het menselijk lichaam gebeurt als het in de kist ligt. We zullen je de misselijkmakende details van het ontbinden besparen, dat kunnen deze mannen veel beter dan wij, maar het tekent. Het tekent de voorstelling, de onderwerpen én ook de manier van werken en denken van Leopold Witte. Mag Geert dan graag regelmatig een onderzoek naar boven halen, Leopold heeft uitvoerig onderzocht wat er met het lichaam gebeurt na de dood, in zo’n kist onder de grond. Op de vraag of Leopold altijd die randjes opzoekt in een voorstelling krijgen we direct een volmondig Ja!. Van Geert. Leopold lacht en vult direct weer aan:’Er is 1 voorwaarde, het moet met humor verteld. Het mag over de dood gaan, maar dan moet er wel flink gelachen worden’.

Wanneer toneel werkelijkheid wordt

Er zitten rare momenten in de voorstelling, vervreemdend haast, maar eigenlijk is het meeste heel herkenbaar. Hoe ga je nou toch eigenlijk om met de dood? Niet alleen je eigen dood. Het overlijden van naasten. Het overlijden van naasten, van naasten. Gewoon, de dood dus. In de voorstelling legt Geert uit dat een vriend zijn kind is overleden. En dat ie er maar liever niet over praat omdat dat zo lastig is en zo pijnlijk, voor die vriend. Leopold vindt het maar niets. Tuurlijk moet je praten over het overleden kind. De naam noemen. De herinnering levendig houden. En daarmee ook het kind levendig houden. Met ruimte tot verwerken. Het is een mooi stukje theater. Tot er een keer na afloop van een van de try-outs een vader op het tweetal wacht en ze bedankt. “Ik bén die vader” zegt de man. “Mijn kind is overleden en niemand heeft het er meer over. Niemand. Zo ben ik mijn kind niet 1 keer, maar 2 keer kwijtgeraakt”. Het valt even stil aan tafel, Leopold is duidelijk geraakt wanneer hij dit vertelt en zijn ogen schieten vol. Zo komt het theater opeens heel dicht bij de werkelijkheid.

Op visite in het theater

Het is iets dat de mannen ook bewust opzoeken. Als de voorstelling begint zijn zij het die zelf de kaartjes afscheuren bij binnenkomst van het publiek. Alsof je eigenlijk niet eens naar het theater gaat maar bij 2 vrienden op bezoek komt, die straks eens lekker met jou over de dood gaan kletsen. En af en toe een plaatje op zetten. Wat dat betreft lijkt deze 237 redenen voorstelling wel op de vorige; 2 topacteurs, een pick-up, LP’s en wat singles. That’s it. Een vorm die de mannen erg goed bevalt. Het maakt het stuk ook ‘flexibel’. 237 redenen om door te gaan heeft eerst op de planken gestaan als een kortere lunchvoorstelling en staat nu als volwaardig stuk in de theaters. Toch is het ook eenvoudig terug te brengen tot een kleine intieme voorstelling die in sommige omstandigheden zelfs in prive-setting te boeken is. Zo kwam er tijdens de voorstelling 237 redenen voor seks al eens een opmerkelijk verzoek. Een bejaarde dame had de voorstelling gezien en wilde deze graag voor haar 80e verjaardag cadeau geven. Dus er werd een kleine ruimte geboekt, familie en vrienden werden uitgenodigd en de voorstelling werd gespeeld. De jarige jet vooraan in het publiek. Af en toe lachend om zich heen kijkend als de onderwerpen wat pittiger en explicieter werden. Ze vond het prachtig allemaal; het stuk, maar ook de reacties van haar eigen familie en vrienden op het cadeautje dat ze voor hun had geregeld. Dit jaar werd ze 85 en ook nu werd de voorstelling 237 redenen om door te gaan door haar geboekt. Familie en vrienden er weer bij. Dit keer kwam de voorstelling weer eens dicht bij die soms pijnlijke werkelijkheid. Na afloop had de familie nog een cadeau voor de jarige. Een van de familieleden overhandigde een boek en nam het woord. De lieve mevrouw die nog zo veel lol had in de voorstellingen, had het toch zwaar gekregen in de afgelopen 5 jaar. Er waren dagen dat ze geen reden meer zag om te leven. Dat de naderende dood ook eigenlijk misschien wel prima was. Voor zulke dagen was er dit boek. Iedereen had een eigen tegoedbon gemaakt waarmee mevrouw de dag wat meer zin en kleur kan geven. Een dag naar het strand. Een avondje eten bij een van de kinderen. En zo een boek vol. “Dus als je er even een keer geen zin meer in hebt, pak een bon uit het boek en bel een van ons. We komen gelijk en maken er een prachtige dag van met je”. Weer schiet Leopold vol. Ook Geert is stil. 

237 redenen

Wij vragen ons gelijk af of er al een volgende voorstelling in de maak is. Alleen al omdat die mevrouw toch weer een nieuwe voorstelling verwacht voor haar 90e verjaardag. “Ja, een trilogie, dat moet het sowieso wel worden denk ik. Waarom dat altijd is weet ik eigenlijk ook niet”. Leopold denkt er nog even over na. Geert heeft dat duidelijk al eerder gedaan. “Het lijkt mij mooi om dan af te sluiten met de liefde. 237 redenen voor liefde. Dan hebben we alle grote onderwerpen wel gehad.”

“Nee!” antwoord Leopold met een bedenkelijk gezicht, “Dat is dus echt heel stom. Gaan we echt niet doen”. De heren kijken elkaar veelbetekenend aan en weer verschijnt langzaam bij beiden die grote glimlach. We hebben eigenlijk nog wel 237 redenen om door te praten.

237 redenen om door te gaan staat sinds 5 maart in de Nederlandse theaters. www.orkater.nl

Leopold Witte & Geert Lageveen

advertentie
  • Charlene Van Den Eng
  • Gelderlandplein
  • WhiteCanvas
  • Gassan
  • MastersOfLxry
  • Knap
  • APS

Jaarabonnement XXXL

NEEM NU EEN JAARABONNEMENT EN ONTVANG AMSTERDAM XXX
4X PER JAAR VOOR € 25!

Wil je er zeker van zijn dat je geen enkel interview, sappig verhaal, leuke column of nieuwe hotspot in Amsterdam mist? Neem een XXXL abonnement en ontvang voortaan elke 3 maanden AMSTERDAM XXXL op je deurmat voor maar €25,- per jaar! Ook superleuk als cadeau.

XXXL in de winkel

Het magazine AMSTERDAM XXXL is te koop in heel Nederland. Vul hiernaast je locatie in en zie waar de dichtstbijzijnde winkel is. 

STORELOCATOR XXXL

Losse verkoop XXXL

Editie 12

September 2019

Mis je een van de vorige edities en zou je deze graag aan je AMSTERDAM XXXL collectie toevoegen of ben je gewoon nieuwsgierig naar een specifiek interview of foto’s van een evenement in een van de vorige edities? 
Iedere editie is los te verkrijgen voor maar € 7,95!

Editie 11

Sptember 2019

Editie 10

maart 2019

Editie 9

december 2018

Editie 8

september 2018

Editie 7

juni 2018

Editie 6

Maart 2018

Editie 5

December 2017

Editie 4

Oktober 2017

Editie 3

Juni 2017

Editie 2

Maart 2017

Editie 1

November 2016

AMSTERDAM
XXXL

onderdeel van Gooische Media Groep B.V.

Jimena Rico & Mark Teurlings

Willemsparkweg 193
1071 HA Amsterdam

E-mail: info@amsterdamxxxl.nl

Jimena & Mark

Een ding dat Jimena Rico en Mark Teurlings gemeen hadden, en nog steeds hebben: een grote liefde voor de stad Amsterdam! Uit deze liefde is dan ook het idee geboren om een magazine geheel te wijden aan deze prachtige stad. En als zij het doen, dan doen ze het goed. Het kon namelijk niet ‘zomaar’ een glossy worden, maar het moest van een ander kaliber zijn: Een chique uitstraling, mooi voor in een collectie, eigentijds en voor ieder wat wils. En dat is gelukt! Ondertussen is het team gegroeid en blijft AMSTERDAM XXXL zich ontwikkelen.


Colofon

Hoofdredactie Jimena Rico & Mark Teurlings 
Artdirection & vormgeving Saskia Geleedts 
Fotografie Peter Boudestein & Hans Petersen 
Coördinatie & eindredactie Esther Hoff